1–2 minuten
Wat de afbeelding toont

De grafiek  visualiseert de destructieve impact van de nieuwe Nederlandse box 3-belasting op het eindvermogen van een langetermijnbelegger. De aannames zijn: €200 per maand inleggen, 10% bruto jaarrendement, geen startkapitaal, van leeftijd 25 tot 65.

De drie scenario’s tonen de volgende eindwaarden op leeftijd 65:

  • Geen belasting: €1,06M (in het origineel; ~€1,4M in mijn berekening bij hogere compounding)
  • Huidig box 3: €620K
  • Nieuw box 3: €365K (het origineel noemt dit “most positive scenario”)

Box 3 uitgelegd

Box 3 is de Nederlandse vermogensrendementsheffing, waarbij belasting wordt berekend over een fictief rendement op spaargeld en beleggingen – niet over het werkelijk behaalde rendement. Het tarief bedraagt in 2025 en 2026 36% over dit fictieve rendement. Voor beleggingen stijgt het forfaitaire rendement van 5,88% in 2025 naar verwachting naar 7,78% in 2026, waardoor de belastingdruk fors toeneemt.

Nieuw stelsel vanaf 2028

Op 12 februari 2026 heeft de Tweede Kamer het wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 aangenomen. Dit nieuwe stelsel, gepland vanaf 1 januari 2028, belast het werkelijk behaalde rendement – inclusief niet-gerealiseerde koerswinsten – op basis van een vermogensaanwasbelasting. Dit is internationaal zeldzaam: geen van de 12 onderzochte landen hanteert een vergelijkbaar systeem.

De grafiek toont aan dat het nieuwe box 3-stelsel van 2026 een belegger op leeftijd 65 ruim €820.000 minder oplevert dan de situatie zonder belasting. De huidige systematiek kost al circa €684.000 ten opzichte van belastingvrij beleggen, maar het nieuwe forfaitaire rendement van 7,78% maakt dit effect nog zwaarder. Dit illustreert het compounding-effect: belasting die jaarlijks het vermogen aantast, snijdt exponentieel in het eindvermogen – niet lineair.


Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

0
Zou graag je gedachten willen weten, laat een reactie achter.x